27 juni 2012
blog
December 1996. Het is twee weken voor Kerst. Ik ben 24, net afgestudeerd en ik loop langs de etalage van Scheltema op weg naar mijn eerste sollicitatiegesprek.
Totdat ik een echte baan vind bij een of ander internationaal bedrijf waar ik onderaan de ladder ga opklimmen tot een heel belangrijk persoon, zal ik toch geld moeten verdienen om mijn huur te betalen. Dus heb ik me ingeschreven bij een uitzendbureau en ben ik op weg naar een gesprek met Robbert Ammerlaan, uitgeefdirecteur van Ambo/Anthos. Ik heb geen idee wat ik moet verwachten. Dat maakt ook niet uit, het is maar een uitzendbaantje.
Het eerste wat me opvalt als ik het pand aan de Herengracht binnenkom zijn de vele en hoge boekenkasten. Het tweede: de geur van nieuwe boeken. Heerlijk! Een grote foto van Donna Tartt hangt ingelijst aan de muur. Dat boek heb ik gelezen! Een rij met alleen maar boeken van John Irving en Arthur Goldens Geisha. Die wil ik nog lezen! Ik voel me als een klein kind in een snoepwinkel. Waarom heb ik me nooit afgevraagd waar al die boeken die ik zo graag lees gemaakt worden? Waarom heb ik er nooit aan gedacht om van mijn hobby mijn vak te maken?
Met een grote grijns en een stapel boeken ging ik die dag weer weg. Ik werd aangenomen als ‘Tempo-teamer’ zoals mijn collega’s me destijds liefkozend noemden. De internationale carrière hing ik - nog voor ik eraan begonnen was - aan de wilgen. Vanaf die eerste voet over de drempel van een uitgeverij had ik de smaak te pakken. Dit was mijn ding. En het is steeds mijn ding gebleven.
Juni 2012. De maand van het spannende boek. Onze ebooks vliegen de deur uit, Schaduwspelen van Marelle Boersma is net verschenen, Heleen van der Kemp krijgt met Afrekening vier sterren in de VN-thrillergids, Linda Jansma’s Tweestrijd domineert de lezerslijsten, Marianne en Theo Hoogstraaten stappen over naar ons fonds. Zaterdag is de presentatie van het nieuwe boek van Els Ruiters en ik ben omringd door de geur van nieuwe boeken. Zometeen ga ik het persbericht over de lancering van De Crime Compagnie versturen. Ik voel me weer net als toen in december 1996. Alleen nog beter: als een kind met een eigen snoepwinkel!